Vinisva - Huis van de Gezond-Verstand-Burger

Feitenjournaal

Veel meer oudere ingeschreven werkzoekenden

De toename van ouderen in de UWV-bestanden is te verklaren door een aantal belangrijke ontwikkelingen. Allereerst de algehele veroudering van de bevolking: er waren in 2014 ruim anderhalf keer meer Nederlanders van 55 tot 65 jaar dan begin jaren negentig. Ook is de bruto arbeidsparticipatie van 55-65-jarigen flink toegenomen – dat wil zeggen dat meer mensen in die leeftijdsgroep betaald werk hebben of werkloos zijn. De lagere arbeidsparticipatie in 1990 is voor een deel te verklaren doordat werknemers toen vaker dan nu vervroegd met pensioen gingen of een WAO-uitkering hadden.

Kans op werk voor oudere werklozen relatief klein

In de laatste tien jaar liep de arbeidsparticipatie van 55-65-jarigen op van 44,6 naar 64,9 procent. Sinds 2008 nam vooral het aantal werklozen toe. De kans op het vinden van werk is voor oudere werklozen relatief klein. In de leeftijdsgroep 15 tot en met 45 jaar uit 2013 had bijna de helft een jaar later betaald werk. Van de 45- tot 75-jarige werklozen was dat ruim een op de vijf.

Bron: CBS

Bron : Business Insider 

Erg spannend is het allemaal niet. Zowel Den Haag als geheel Nederland is waarschijnlijk meer bezig met de komende coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie. Eén eenvoudige conclusie voor nu en naar verwachting ook straks: burgers spelen quitte (krijgen zowel zoet als zuur) en bedrijven blijven buiten schot.

Extra geld naar:

  • Koopkrachtverbetering uitkeringsgerechtigden en ouderen: 425 miljoen
  • Lerarensalarissen: 270 miljoen
  • Veiligheid: 116 miljoen (Expertisecentrum terrorisme, AIVD, MIVD, politie, bestrijding cybercrime)
  • Verpleeghuiszorg: 435 miljoen (bedragen wisselen een beetje)
  • Aanpak mensenhandel: 2 miljoen
  • NVWA: 25 miljoen
  • Belastingdienst: 75 miljoen
  • Thermphos: 27 miljoen

Koopkrachtontwikkeling:

  • Uitkering +0,3 procent
  • Ouderen +0,6 procent
  • Werkenden +0,8 procent
  • Minder 175% minimumloon: +0,6 procent
  • 175-350 wml: +0,6 procent
  • 350-500 wml: +0,8 procent
  • Meer dan 500 wml: +1,1 procent
  • Alle huishoudens +0,6 procent
  • Tweeverdieners: +0,7 procent
  • Alleenstaanden: +0,6 procent
  • Alleenverdieners: +0,6 procent
  • Met kinderen: +0,9 procent
  • Zonder kinderen: +0,6 procent

Zorg:

  • Eigen risico: Van 385 naar 400 euro
  • Zorgpremie: 107,50 naar 113,50
  • Zorgtoeslag: Maximaal 130 euro omhoog

Werkloosheid:

  • 440.000 naar 390.000

Begroting:

  • Overschot van +0,8 procent

Economische groei:

  • 2,5 procent

 

Aanleiding voor deze toevoeging aan de Vinisva databank is een artikel in Follow The Money:

Wanneer gaat de ‘handel in invloed’ over in corruptie?

Lobbyen bij politieke beslissers door belangengroepen en bedrijfsleven is zo oud als de weg naar Rome. Maar waar eindigt opkomen voor belangen en begint ongewenste belangenverstrengeling? Onze Senaat blijkt vol te zitten met lobbyisten. Intussen weigerde Nederland een verdrag te ratificeren tegen deze ‘lobbycratie’.

Hieronder staan 2 websites die waken over integriteit en lobby's. Gegevens kunnen daar interactief worden opgevraagd, gefilterd, etc.

EU Integrity Watch is designed to be a central hub for online tools that allow citizens, journalists and civil society to monitor the integrity of decisions made by politicians in the EU. For this purpose, data that is often scattered and difficult to access is collected, harmonised and made easily available. The platform allows citizens to search, rank and filter the information in an intuitive way. Thereby EU Integrity Watch contributes to increasing transparency, integrity and equality of access to EU decision-making and to monitor the EU institutions for potential conflicts of interest, undue influence or even corruption.

The technology behind the platform (D3.js) was developed by the New York Times in order to make complex datasets accessible to a wider audience. All datasets are also available for download as this platform strongly supports the principles of open software and open data.

The website currently contains two different datasets on the following topics:

  • Data on the members of the European Parliament (MEPs), mainly on their outside activities and incomes
  • Data on lobbying in Brussels. For that we have combined the records of lobby meetings at the European Commission with the information contained in the EU Transparency Register – the register of Brussels lobbyists

Information from the declaration of financial interest of MEPs provides a unique overview of their activities and enables a range of rankings and visual comparisons. It also allows to identify those MEPs with a high degree of external activity and to better monitor them for potential conflicts of interests between their legislative work in the Parliament and their outside activities.

Self-reported data of senior public officials of the European Commission on lobby meetings contains a range of potential important insights on current dynamics and content of lobby activities. Data from the voluntary Transparency Register provides additional information on who those lobbyists are, how much they spent on lobbying, how many people they have working for them and what files and topics they are active on.

All datasets used on Integrity Watch are retrieved from the official websites of the European Institutions. We read out this information on a regular basis and publish the date of the latest update prominently on our websites. EU Integrity Watch is not responsible for the accuracy of the original data published by the EU Institutions. If you are using the data please always confirm your findings with the original information on the websites of the EU Institutions.

EU Integrity Watch was first launched in October 2014 by Transparency International EU (TI EU). The project is co-funded by the Open Society Initiative for Europe (OSIFE), with a contribution by the King Baudouin Foundation (KBF).

For more information on TI EU:

For more information on OSIFE:

For more information on KBF:

Website design:
Tech To The People
Latte Creative

Data extracted and published under the ODBLv1.0 open data licence by parltrack

Website: EU Integrity Watch


Lobbyists in Brussels — Who’s meeting whom? The European Commission has reported over 4,000 meetings with lobbyists in the past six months. Crunch the numbers with POLITICO's interactive tool.

Website: Politico

 

Of het allemaal klopt blijft even de vraag, maar de overheid kan dus wel degelijk fatsoenlijk vragen van burgers beantwoorden ...

* Aan echte reclame gaven alle verzekeraars in 2015 samen 35 miljoen euro uit, ongeveer 2,5 euro per verzekerde per jaar.

* In alle gevallen geldt dat ruim 95% van ons premiegeld ook wordt besteed aan zorg. In 2015 bijvoorbeeld, waren de totale bedrijfskosten van zorgverzekeraars 3,5%. In het laatste jaar van het ziekenfonds was dit overigens 3,9%.

Bedoeld als snel antwoord op de eeuwige kritiek dat een systeem op basis van een onvoorwaardelijk basisinkomen onbetaalbaar zou zijn is het totaal van de onderstaande inkomsten1) voldoende om een OBi- systeem2) te bekostigen. Vergelijkbaar met de tegenstanders is dit uiteraard behoorlijk kort door de bocht en meer bedoeld als praatstuk dan als resultaat van wetenschappelijk onderzoek.

 

x 1 miljard

Afschaffing werkloosheid en bijstand

 €   12,59

Afschaffing AOW, ANW

 €   35,94

Afschaffing studiefinanciering

 €      4,00

Afschaffing huurtoeslag

 €      3,30

Afschaffing zorgtoeslag

 €      3,99

Afschaffing Kinderopvang en kindregelingen

 €      7,22

Afschaffing hypotheekrenteaftrek

 €   14,00

Afschaffing heffingskortingen

 €   41,10

Afschaffing zelfstandigenaftrek, startersaftrek en MKB-winstvrijstelling

 €      3,07

Progressieve vermogensbelasting

 €   13,47

Verhoging erfbelasting

 €      4,02

Besparing zorgkosten

 €      7,29

BOW - Belasting op onttrokken waarde

 €   12,75

Verhoging milieuheffingen

 €   10,00

Opbrengst wetenschappelijk onderzoek

 €      5,00

Resultaatbelasting

 €      5,00

 

 --------------

 

€     182,73 

1) Combinatie van berekeningen van Moedig Voorwaarts, Vereniging Basinkomen, Basisinkomen 2018 en Vinisva.

2) Volgens de gedifferentieerde OBi-variant van Vinisva, belopen de totale kosten 167 miljard per jaar.

Eigenlijk veel belangrijker is de vaststelling dat het simpelweg een kwestie van kiezen is. Willen we meer JSF’s, meer ongelijkheid en geloven in een mythe dat alles beter gaat worden? Of werken we naar een toekomst waarin de basis voor iedereen is gegarandeerd en een sterk verhoogde rust en stabiliteit in de maatschappij met zich meebrengt. De keuze is aan u …

Bron: CBS - 11-07-2015

2015

Het CBS verricht veel onderzoek naar ontwikkelingen en achtergronden op sociaaleconomisch terrein. Sociaaleconomische trends is het belangrijkste medium om de resultaten van dit onderzoek in uitgebreidere informatieve artikelen onder de aandacht te brengen. Vanaf 2013 is de Sociaaleconomische trends een online publicatie.
 

29-06-2015Artikel Van alle mannen van 20 tot 65 jaar met werk had 13 procent in 2013 een arbeidsinkomen onder het bijstandsniveau. Werkende vrouwen waren tweemaal zo vaak niet in staat zichzelf financieel te onderhouden. Financiële kwetsbaarheid gaat doorgaans samen met deeltijd werken, meestal tot 20 uur per week. Een deel van de financieel kwetsbaren wil graag een langere werkweek, maar de meerderheid wil niets veranderen of heeft andere redenen waarom ze niet meer uren willen of kunnen werken.

29-06-2015Artikel In dit artikel wordt beschreven  hoe de volwassen bevolking in Nederland over het belang van werken denkt, ofwel hoe het met het arbeidsethos staat. Hoewel werken een belangrijk deel van het leven van volwassenen uitmaakt en door velen als een maatschappelijke plicht wordt gezien, staat werk niet zo centraal in ons leven. De helft van de volwassenen vindt bijvoorbeeld niet dat werken altijd op de eerste plaats komt. En ruim 80 procent zegt dat er belangrijkere dingen in het leven zijn dan werken.

21-05-2015Artikel Dit artikel gaat in op subjectief welzijn, ofwel de mate waarin mensen tevreden zijn metbepaalde aspecten van hun leven, zoals hun financiële situatie, hun gezondheid en hunsociale leven. Met name jongeren en hoogopgeleiden zijn vaker tevreden met verschillendeonderdelen van hun leven in vergelijking met ouderen en lager opgeleiden.

08-05-2015Artikel De kwaliteit van het leven kent meerdere dimensies. Naast inkomen en bezit dragen ook niet-materiële zaken als een goede woonomgeving, gezondheid en veiligheid er aan bij. Waar de Oost- en Zuid-Europese EU-lidstaten achterblijven, scoren Nederland en andere Noordwest-Europese relatief hoog op economisch gerelateerde zaken: het doorsnee inkomen is betrekkelijk hoog en er is relatief weinig werkloosheid. Wel is het opleidingsniveau in Oost-Europa naar verhouding hoog, terwijl Nederland daar – ook ten opzichte van andere Noordwest-Europese landen – achter blijft. Ook voelen Nederlanders zich minder veilig dan veel andere Europeanen.

07-05-2015Artikel In 2012/2013 heeft de helft van de bevolking van 15 jaar en ouder zich minstens één keer per jaar als vrijwilliger ingezet voor een organisatie of vereniging. Dertig procent was maandelijks als vrijwilliger actief. De meeste vrijwilligers zetten zich in voor sportverenigingen, scholen, levensbeschouwelijke organisaties en in de verzorging en verpleging. Vrijwilligers hebben over het algemeen een hoger opleidingsniveau, een kerkelijke achtergrond, zijn autochtoon en van middelbare leeftijd. Ook hebben vrijwilligers vaker betaald werk dan mensen die geen vrijwilligerswerk doen.

24-04-2015Artikel Sociaaleconomische trends 2015: Bijna iedereen in Nederland kan in zijn of haar sociale netwerk terecht voor praktische, persoonlijke of financiële hulp. Daarbij zijn gezins- en familieleden de belangrijkste hulpbron, gevolgd door vrienden. Bij buren en kennissen kunnen mensen minder vaak terecht. Alleen voor klusjes in en om huis en voor toezicht op de woning wordt relatief vaak bij buren aangeklopt. Ouderen kunnen doorgaans minder goed in hun sociale netwerk terecht voor hulp en steun dan jongeren. Ook laagopgeleiden missen soms bepaalde hulpbronnen in hun kring van bekenden.

26-02-2015Artikel Sociaaleconomische trends 2015: Verschillende uitgangspunten leiden tot andere afbakeningen van de beroepsbevolking. In CBS-publicaties over de werkzame en werkloze beroepsbevolking staat sinds februari 2015 de ILO-definitie van de beroepsbevolking centraal. Deze internationaal gehanteerde definitie gaat uit van de productiefactor arbeid. Voorheen werd een definitie gebruikt met als uitgangspunt arbeid als sociaal verschijnsel. Volgens de ILO-definitie ligt de werkloosheid in Nederland lager. Het aandeel van jongeren in de werkloosheid is juist hoger. Wel laten beide benaderingen dezelfde ontwikkeling van de werkloosheid zien.

21-01-2015Artikel Sociaaleconomische trends 2015. Kinderen die opgroeiden in een gezin dat rond moest komen van een uitkering zijn rond hun dertigste lager opgeleid dan hun leeftijdsgenoten. Bovendien moeten deze kinderen ongeacht hun opleidingsniveau later bovengemiddeld vaak zelf ook van een uitkering rondkomen. Het gaat hierbij niet om een caustaal verband, maar om een correlatie en die kan meer oorzaken hebben, zoals erfelijke aanleg en waarden en normen die iemand in de opvoeding meekrijgt. Zoons en dochters zijn het hoogst opgeleid en het vaakst werkzaam als tijdens hun jeugd beide ouders werkzaam waren of als alleen de vader werkte en de moeder geen eigen inkomsten had.

Bron: CBS - 11-07-2015

CBS | Sociaaleconomische trends, juni 2015 | 07

In dit artikel wordt beschreven hoe de volwassen bevolking in Nederland over het belang van werken denkt, ofwel hoe het met het arbeidsethos staat. Hoewel werken een belangrijk deel van het leven van volwassenen uitmaakt en door velen als een maatschappelijke plicht wordt gezien, staat werk niet zo centraal in ons leven. De helft van de volwassenen vindt bijvoorbeeld niet dat werken altijd op de eerste plaats komt. En ruim 80 procent zegt dat er belangrijkere dingen in het leven zijn dan werken. Jongeren, hoger opgeleiden en vrouwen hebben over het algemeen minder arbeidsethos dan ouderen, laagopgeleiden en mannen.

  

Het blijft een ergernis. De benzineprijs blijft maar hoog terwijl de olieprijs al sinds november 2014 niet meer boven de 80 Euro is gekomen.Toch maar 's wat nader bekijken hoe de benzineprijs is samengesteld.

In juli was een vat ruwe olie in dollar bijna de helft goedkoper dan in dezelfde maand vorig jaar. Benzine daalde in dezelfde periode echter maar 5,1 procent in prijs en kostte in juli 2015 gemiddeld 1,66 euro per liter. Dat de prijs van benzine minder hard daalt dan de prijs van ruwe olie komt voornamelijk door het vaste bedrag aan accijns en de zwakke euro. Daarnaast wordt de prijsontwikkeling van benzine mede bepaald door de ontwikkeling van de kosten en de marges. Dat meldt CBS.

Hoe zit dat precies? In juli 2015 bestond de prijs van een liter Euro95 voor 63,9 procent uit belasting. Accijns vormt veruit het grootste deel van de belasting. Daarnaast is er een kleinere voorraadheffing. Deze belastingen zijn een vast bedrag per liter waardoor de benzineprijs minder mee kan bewegen met de ontwikkeling van de olieprijs. Over de literprijs inclusief accijns en voorraadheffing wordt vervolgens nog btw geheven.

En maar proppen ....

Tja, wat moet je hier nog van zeggen:

Het aantal miljonairs bedraagt 1,4 procent van de Nederlandse bevolking. Zij bezitten gezamenlijk 44 procent van het totale vermogen van Nederlandse huishoudens. Het gemiddelde bezit per miljonairshuishouden is 2,9 miljoen euro.

,,Er zit nog steeds groei in het aantal miljonairs”, aldus hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen van het CBS. In 2007 bedroeg hun aantal bijna 80.000. 

Bijna de helft van het totale NL vermogen is dus in handen van ruim 100.000 Nederlanders. 

Bron: Business Insider

 

Uit: Universal basic income in the OECD

Het artikel dateert van juni 2016 en heb ik nu pas ontdekt, maar 't is toch te leuk om niet te vermelden.

Op basis van het BNP en de uitgaven voor gezondheid en 'overig' wordt Nederland door de OECD ingeschaald op $8400 per jaar, te besteden aan de uitkering van een onvoorwaardelijk basisinkomen. Dit is dus $700 per maand. Overigens is dit exact gelijk aan onze oosterburen, Duitsland. 

Is het glas nou halfvol of halfleeg? 700 dollar of Euro is veel te weinig om als een volwaardig OBi te dienen, aangezien met dit bedrag echt niet alle 'kosten van het leven' kunnen worden gedekt. Anderzijds zou je het kunnen zien als een mooi begin.  

Ik kan niet 1-2-3 achterhalen wat in de categorie 'overig' zou moeten vallen en hoe de populatie is samengesteld. Wie ontvangt een OBi? Iedereen boven de 18? Krijgen kinderen ook een OBi? Maar okay, zoals gezegd is het ook slechts een indicatie.

Overigens kun je het OBi bedrag in het artikel c.q. de originele grafiek verhogen/verlagen door via de pijltjes het bedrag te wijzigen. Je ziet vervolgens een méér-percentage, maar wat daar nu het echte nut van is?

Waarom verbaast onderstaand artikel mij niet? Het blijkt dat de door burgers betaalde AWBZ premies NIET aan zorgkosten worden besteed. Uiteraard zal er wel weer van alles af te dingen zijn, maar mij gaat het hier vooral om het principe. Ik ben er namelijk ook van overtuigd dat er veel te veel en vaak schimmige trajecten worden gevolgd in Den Haag.

Op de website van Niburu is op 28 augustus 2015 een actie gestart om als burger geld terug te vragen. Zelf heb ik de voorgestelde brief niet verzonden, omdat ik nogal wat vragen en twijfels heb over de achtergronden én de tekst in de brief zelf. In elk geval vreemd is dat de actie meer dan één jaar na verschijning van onderstaand artikel wordt gestart. Nergens is te vinden waarom. 

Kortom, onderstaand artikel met bevestigde data wordt wat mij betreft in de feitenhoek geplaatst, zonder er op dit moment verder consequenties aan te verbinden. Een verdere uitwerking vond plaats in dit SP-artikel.

Het AWBZ-bedrog - Henk van Gerven    

12 augustus 2014
 

Economen, managers en de meeste politici bestoken ons de laatste jaren onophoudelijk met de mantra dat de kosten voor de AWBZ en dan met name de zorg voor ouderen te hoog zijn en in de toekomst onbetaalbaar. Wat ze er niet bij vertellen is dat sinds de invoering van het nieuwe belastingstelsel in 2001 maar liefst 70 miljard (!) van de AWBZ-premies niet zijn besteed aan zorguitgaven maar door de politiek voor andere doeleinden worden benut. Na een reeks van Kamervragen bevestigde staatssecretaris Van Rijn onlangs dit gegeven: zie de volgende tabel:

Uit deze tabel valt op te maken dat vanaf 2001 de premieopbrengsten (A + B) hoger waren dan de zorguitgaven (E). Dit verschil staat in kolom G. Dat betekent dat voor het jaar 2013 6 miljard van de opgebrachte premies van 34 miljard niet aan AWBZ-zorg maar aan andere zaken werd uitgegeven. In de jaren 2001 tot en met 2013 is maar liefst 70 miljard van de AWBZ-premies afgeroomd voor andere doeleinden. Het is heel merkwaardig dat dit gegeven zo weinig aandacht heeft getrokken in de pers en de media.

 

In werkelijkheid bestaat er dus geen tekort bij de AWBZ als we kijken naar de premieopbrengsten. En dat in het besef dat de AWBZ-premie alleen over de eerste en tweede belastingschijf wordt geheven. De SP heeft het CPB gevraagd uit te rekenen wat er gebeurt als de AWBZ meer solidair over alle belastingschijven zou worden geheven en de opgebrachte premiegelden ook daadwerkelijk alleen aan zorg zouden worden uitgegeven.

 

Ruim driekwart van de huishoudens gaat er dan op vooruit, waarbij de laagste inkomens er gemiddeld ruim 2 procent op vooruit gaan en de allerhoogste inkomens (meer dan 5 maal het wettelijk minimumloon) er gemiddeld ruim 3 procent op achteruit gaan.

 

Deze gegevens maken duidelijk dat de AWBZ betaalbaar is uitgaande van de huidige opbrengsten en dat de betaalbaarheid voor driekwart van de huishoudens verder verbetert als we de premieheffing meer solidair maken. Het is derhalve een politieke keuze of we dit geld willen besteden aan de langdurige zorg.

 

Als hulpverlener is het goed je niet gek te laten maken door de mantra: de zorg is onbetaalbaar. Dat leidt tot onnodig cynisme. De miljardenbezuinigingen van dit kabinet zijn immers onnodig. Wat niet wegneemt dat er veel te besparen valt zonder te bezuinigen. Bijvoorbeeld door het afschaffen van de concurrentie tussen zorginstellingen, het afschaffen van de verantwoordingsbureaucratie en het kleinschaliger organiseren van de zorg.

 

Henk van Gerven
Kamerlid SP en oud-huisarts

Bron: Medisch Contact

De overheidsbegroting van 2015 ziet er als volgt uit:

http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/media/infographics/huishoudboekje2015/miljoenennota.jpg        http://roimg.nl/bestanden/afbeeldingen/infographics/prinsjesdag-2014/overheidsfinancien-sept2014-620px.png

Gegevens integraal overgenomen van de website van de Rijksoverheid (klik op afbeeldingen)

Inkomsten overheid 2015                  
  Bedragen x 1 miljard              
Directe belastingen    €        71,8 * Wegens afronding wijkt de som der delen af van het totaal    
Loon- en inkomensbelasting  €        52,4   Directe belastingen zijn de belastingen op inkomen, winst en vermogen. De belangrijkste is de loon- en inkomstenbelasting. Iedereen die een inkomen heeft uit bijvoorbeeld een onderneming, in loondienst is of een uitkering ontvangt, betaalt daarover belasting. Bedrijven in de vorm van een BV (Besloten Vennootschap) of NV (Naamloze Vennootschap) betalen over de gemaakte winst vennootschapsbelasting. Overige directe belastingen zijn bijvoorbeeld dividendbelasting en schenk- en erfbelasting.
Vennootschapsbelasting  €        14,4  
Dividendbelasting  €          2,6  
Schenk- en erfbelasting  €          1,6  
Overige directe belastingen  €          0,7  
Indirecte belastingen    €        74,9 * Wegens afronding wijkt de som der delen af van het totaal    
Omzetbelasting  €        44,7   Dagelijks komen we in aanraking met indirecte (kostprijsverhogende) belastingen. De meest bekende en grootste indirecte belasting is de btw. In de prijs van bepaalde consumptiegoederen is ook accijns opgenomen. Voorbeelden hiervan zijn tabaksproducten, benzine en alcoholhoudende dranken. Overige indirecte belastingen zijn bijvoorbeeld motorrijtuigenbelasting, belasting op personenauto's en motorrijwielen (BPM) en invoerrechten.
Accijnzen  €        11,4  
Overdrachts- en assurantiebelasting  €          3,8  
Belastingen op een milieugrondslag  €          5,1  
Belasting op personenauto's en motorrijwielen (BPM)  €          1,3  
Motorrijtuigenbelasting  €          3,9  
Invoerrechten  €          2,4  
Bankbelasting  €          0,5  
Verhuurderheffing  €          1,3  
Overige indirecte belastingen  €          0,4  
Premies volksverzekeringen    €        37,2 Iedere Nederlander met een inkomen betaalt premies volksverzekeringen. Wie minder verdient, betaalt minder premie. Met de premies volksverzekeringen is iedereen in Nederland verzekerd voor:
AOW (Algemene Ouderdom Wet) is een basispensioen voor mensen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. De AOW-leeftijd is vanaf 2013 stapsgewijs verhoogd naar 66 jaar in 2019 en 67 jaar in 2023;
WLZ (Wet Langdurige Zorg) voor passende zorg aan mensen met blijvende beperkingen, met aandacht voor het individuele welzijn (tot en met 2014 onderdeel van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten).
Anw (Algemene nabestaandenwet) nabestaandenuitkering voor mensen bij wie de inkomsten wegvallen door het overlijden van echtgenoot/partner of ouder.
     
     
     
     
     
     
Premie werknemersverzekeringen    €        53,9 Werkgevers betalen arbeidsongeschiktheidpremies (WIA) en werkloosheidspremies (WW). Hiermee zijn alle werknemers in Nederland verzekerd van een (tijdelijke) financiële ondersteuning bij werkloosheid of arbeidsongeschiktheid. Ook betalen werkgevers inkomensafhankelijke zorgpremies aan de overheid voor hun werknemers. Hieruit worden deels, naast de eigen bijdrage en de zorgpremie die mensen zelf aan hun zorgverzekeraar betalen, de kosten voor curatieve medische zorg betaald.
     
     
     
Gasbaten    €          9,1 Gasbaten zijn de inkomsten die voortvloeien uit de verkoop van aardgas. De hoogte van de opbrengst uit aardgas is afhankelijk van de geproduceerde hoeveelheid en ook van de hoogte van de olieprijs en de euro/dollarkoers. De prijs van aardgas is namelijk gekoppeld aan de prijs van olie in dollars.
     

Totale inkomsten 2015       

   €      246,9              

Uitgaven overheid 2015                  
  Bedragen x 1 miljard              
Zorg    €        72,9 De Nederlandse zorg behoort tot de beste van Europa. De kwaliteit van onze zorg neemt hand over hand toe. We leven langer en krijgen meer zorg dan ooit. Dat is goed nieuws, maar stelt ons ook voor steeds hogere kosten. Tegelijkertijd zien we dat veel ouderen langer thuis willen wonen en dat mensen, ook als ze ziek zijn of leven met een beperking, steeds meer zelf kunnen en willen regelen. Nieuwe technologie speelt daarbij een grote rol.
Om de zorg goed en betaalbaar te houden én tegemoet te komen aan de veranderde wensen van mensen, maken we een omslag: zoveel mogelijk zorg zal thuis of dichtbij huis worden geleverd. We pakken we fraude, verspilling en ongepast gebruik van zorg hard aan, zodat elke euro voor de zorg ook daadwerkelijk aan zorg wordt besteed.
Medische zorg (incl. zorgtoeslag)  €              45,8  
Langdurige zorg en verpleging  €              25,6  
Overig  €                 1,5  
     
     
     
Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt      €        77,6 De eerste voorzichtige tekenen van economisch herstel zijn zichtbaar. Wel is er nog steeds sprake van hoge werkloosheid. Het kabinet vindt dit onaanvaardbaar. Komend jaar blijft de aanpak van werkloosheid dan ook speerpunt voor dit kabinet.

De afgelopen jaren heeft het kabinet al veel maatregelen genomen om het hoge niveau van de werkloosheid aan te pakken. Het kabinet richt zich daarbij specifiek op groepen die kwetsbaar zijn op de arbeidsmarkt, zoals jongeren en ouderen. We ondersteunen jongeren en ouderen bij het vinden van werk. Via de sectorplannen ondersteunen we sectoren met het aan het werk helpen en houden van mensen.
AOW en Anw  €              36,0  
Werkloosheidsuitgaven  €              12,6  
Arbeidsongeschiktheidsregelingen  €              11,8  
Kindregelingen  €                 3,2  
Re-integratie en bemiddeling (incl. sociale werkplaatsen)  €                 7,2  
Overig  €                 6,8  
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap    €        33,0 Onderwijs, cultuur, media, wetenschap en emancipatie zijn cruciaal voor een energieke samenleving, een veerkrachtige economie en een betrokken democratie. We hebben wereldwijd gerenommeerde wetenschappers, musea en orkesten. Ons onderwijs wordt in internationale vergelijkingen hoog gewaardeerd. Maar dat is geen reden om de aandacht te verliezen. Onze beste leerlingen worden onvoldoende uitgedaagd. Bovendien staat de samenleving en de wereld om ons heen niet stil. De voortschrijdende digitalisering leidt tot het ontstaan van nieuwe mogelijkheden voor communicatie, onderwijs, cultuurparticipatie en wetenschapsbeoefening. Dit betekent dat wij onze jongeren opleiden voor banen die nu nog niet bestaan en dat werknemers en werkgevers zullen moeten blijven investeren in hun eigen kennis en know-how.
Basisonderwijs  €              10,0  
Voortgezet onderwijs  €                 7,5  
Hoger onderwijs  €                 6,9  
Beroeps- en volwasseneneducatie  €                 4,1  
Studiefinanciering  €                 1,5  
Onderzoek en wetenschapsbeleid  €                 1,0  
Cultuur  €                 0,7  
Media  €                 0,8                
Overig  €                 0,5                
Gemeente en Provinciefonds       €        18,4 Het Gemeentefonds is een fonds op de rijksbegroting dat wordt gevuld uit de belastingen. Gemeenten krijgen elk jaar geld uit het Gemeentefonds om een deel van hun uitgaven te betalen. Gemeenten mogen zelf bepalen waar ze dit geld aan besteden. Zij gebruiken het geld voor bijvoorbeeld fietspaden en schoolgebouwen. Ook provincies krijgen elk jaar geld van het Rijk, uit het Provinciefonds, om een deel van hun uitgaven te betalen: de algemene uitkering. Provincies besteden dit aan bijvoorbeeld wegenonderhoud, bodemsanering en de aanleg van recreatiegebieden.
Gemeentefonds  €              15,7  
Provinciefonds  €                 1,0  
Overig  €                 1,7  
Buitenlandse Zaken/Internationale Samenwerking  €        10,6 Nederland is door zijn open economie voor welvaart en veiligheid afhankelijk van het buitenland. Door een actieve rol bij EU, NAVO en VN draagt de overheid bij aan vrede en veiligheid in de wereld en beschermt ze Nederlandse belangen. Bijvoorbeeld door Nederlandse bedrijven in het buitenland in contact te brengen met lokale ondernemers of voor ze te bemiddelen bij buitenlandse overheden. Daarnaast helpt de overheid Nederlanders die in het buitenland op reis zijn of daar wonen als ze zich in een crisissituatie bevinden. Nederland ondersteunt internationaal de mensenrechten en geeft hulp en stimuleert de economie in ontwikkelingslanden. Deze landen krijgen ook hulp bij de opbouw van politie en justitie, want een gezonde economie heeft een goed functionerende rechtsstaat nodig.
     
     
     
     
     
Infrastructuur en Milieu    €          9,2 Een leefbaar, bereikbaar en veilig Nederland met een sterk concurrerende internationale positie: daar staat het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) voor. Daarvoor werkt het ministerie aan oplossingen voor grote uitdagingen waar Nederland voor staat op het gebied van klimaatverandering, waterveiligheid, milieu, ruimtelijke inrichting en bereikbaarheid.
Rijksbijdrage investeringen in wegen, vaarwegen en spoorwegen  €                 5,3  
Rijksbijdrage investeringen in Waterveiligheid en zoetwater  €                 1,1  
Bijdrage aan mede-overheden voor Verkeer en Vervoer (BDU)  €                 1,8  
Milieu (Klimaat, Lucht en Geluid)  €                 0,1  
Ruimtelijke Ontwikkeling  €                 0,2  
Overig  €                 0,7  
Veiligheid en Justitie       €        10,0 Veiligheid en Justitie gaat in 2015 verder met het veiliger maken van Nederland en het versterken van de rechtsstaat.
De Veiligheidsagenda 2015-2018 richt zich op belangrijke prioriteiten als aanpak van ondermijnende criminaliteit, cybercrime, fraude en kinderporno. Bij bestrijding van High Impact Crimes ligt de nadruk op het verhogen van het oplossingspercentage, het afpakken van crimineel vermogen en een zorgvuldige bejegening van slachtoffers.
Nationale veiligheid vraagt om intensieve aanpak van terrorisme en grensoverschrijdende criminaliteit. Om de democratische rechtstaat te beschermen zet het ministerie krachtig in op bestrijding van extremisme en terrorisme en het vroegtijdig herkennen van radicalisering en introduceert hiervoor nieuwe maatregelen en wetgeving.
Door versterking van de strafrechtketen en digitalisering van het aangifteproces worden procedures transparanter en prestaties zichtbaar. Slachtoffers kunnen sneller en beter worden geholpen en waar nodig (juridisch) bijgestaan.
     
     
     
     
     
     
     
     
Rentelasten staatsschuld       €          8,4 De Rijksoverheid heeft in het verleden en ook de laatste jaren meer geld uitgegeven dan er binnenkwam. En heeft geld moeten lenen om alle uitgaven in die jaren te kunnen betalen. Nederland heeft daarmee een schuld opgebouwd. Net als ieder ander, die geld leent, moet ook de overheid over die schuld rente betalen. Jaarlijks bedragen deze rentebetalingen miljarden euro.
De staatsschuld omvat alleen de schuld van het Rijk, de rentelasten hierover bedragen 8,4 miljard. De overheidsschuld (EMU-schuld) bestaat uit de schuld van de gehele overheid: centrale overheid (Rijk en overige centrale overheid), decentrale overheden en sociale fondsen. Voor 2015 bedraagt deze schuld 467 miljard.
     
     
     
     
Defensie       €          7,3 * In de Miljoenennota 2015 is aan totaal uitgaven voor Defensie 7,3 miljard opgenomen. Dit is 7,7 miljard minus 323 miljoen ontvangsten.
      De Nederlandse Krijgsmacht acteert in een wereld waarin de veiligheidssituatie voortdurend verandert. Dit is direct of indirect van invloed op de Nederlandse belangen. Dit vraagt om een krijgsmacht die slagvaardig en betrouwbaar is. Vanaf 2015 krijgt Defensie er in de begroting extra geld bij, resulterend in € 100 miljoen per jaar vanaf 2017. De nationale en internationale veiligheidssituatie nopen voorts tot een verdere opwaartse aanpassing van het ambitieniveau van de krijgsmacht. Dit zal gevolgen hebben voor de samenstelling en toerusting van het materieel en personeel van de krijgsmacht, en zo ook voor het bijbehorende niveau van de defensiebestedingen. Een trendbreuk dus! Goed werkgeverschap blijft daarbij centraal staan. De intentie is om deze trendbreuk de komende jaren, waar dat mogelijk en nodig is, verder vorm te geven. In 2015 richt Defensie zich op het verbeteren van de inzetbaarheid en het voortzettingsvermogen van de krijgsmacht. Hiermee kan de slagkracht van de krijgsmacht, in het belang van Nederland, worden versterkt.
     
     
     
     
     
     
Economische Zaken     €          4,4 * Wegens afronding wijkt de som der delen af van het totaal    
Excellent ondernemersklimaat  €                 0,3   Het economisch herstel zet voorzichtig door. De Nederlandse economie groeit weer, de export en bedrijfsinvesteringen nemen toe. We zijn ons bewust van de risico's voor onze economische groei, zoals recente geopolitieke ontwikkelingen en toenemende wereldwijde concurrentie. Maar zien ook de kansen die technologische vernieuwing, een betere werking van de Europese interne markt en een sterkere rol van ICT bieden.
In 2015 wil het kabinet dat ondernemers, samen met onderzoekers en de overheid, blijven innoveren en groeien om zo onze economie en natuurlijke omgeving te versterken. We zorgen voor beter financiering voor ondernemers, versimpelen regels, stimuleren innovatie, openen buitenlandse afzetmarkten en ondersteunen de land- en tuinbouwsector om een wereldspeler van formaat te blijven. Bovendien werken we aan een duurzame en betrouwbare energievoorziening.
Zo zorgen we voor meer werk en inkomen, met ruimte voor de natuur en een goede leefomgeving.
Innovatievermogen  €                 0,7  
Natuur, landbouw, visserij  €                 1,4  
Natuur, groene groei  €                 0,3  
Energie  €                 1,6  
     
     
Financiën    €          4,1 * Inclusief het BTW-compensatiefonds        
      Het ministerie van Financiën werkt aan een financieel gezond Nederland. Samen met de Belastingdienst zorgt het ministerie voor een groot deel van de inkomsten van de overheid en ziet aan de andere kant toe op een doelmatige besteding van het overheidsgeld. Financiën is verantwoordelijk voor de fiscale wetgeving en maakt daarnaast regels voor een goed functionerende financiële sector en het toezicht daarop. In Europa en in de rest van de wereld behartigt het ministerie de financiële belangen van Nederland.
     
     
     
Wonen en Rijksdienst       €          3,0 De woningmarkt veert weer op. Door rust en duidelijkheid te bieden werkt het kabinet aan het herstel van het vertrouwen en het verder in beweging krijgen van de woningmarkt. Het kabinet gaat daarom door op de ingeslagen weg.
Woningcorporaties gaan weer terug naar waar ze voor zijn: het betaalbaar huisvesten van mensen met een lager inkomen. Voor bouwers en beleggers wordt het zo interessanter om te investeren in middeldure huurwoningen; daar is veel vraag naar. Ook wil het kabinet meer vormen van tijdelijke huurcontracten. Daardoor kunnen bijvoorbeeld jongeren en starters sneller aan woonruimte komen.
De hervormingen die de overheid in eigen huis doorvoert, zijn in volle gang. De overheid moet dienstverlenender en efficiënter werken. Gezamenlijk inkopen en het bundelen van diensten (financiën, ict, personeel) bespaart geld. Gebouwen die de kleinere overheid niet meer nodig heeft, worden verkocht. Zo krijgen ze een nieuwe bestemming.
     
     
     
     
     
     
     
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties     €          0,7 Een goed functionerend openbaar bestuur is van belang voor het welbevinden van de inwoners van Nederland, voor het draagvlak voor de democratie en als basis voor een duurzame economische groei.

Ons openbaar bestuur staat voor nieuwe uitdagingen in een veranderende samenleving. Vanaf 1 januari 2015 zijn de gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp, de langdurige zorg en de begeleiding naar werk. Daarnaast vragen mensen vaker ruimte om taken over te nemen die oorspronkelijk in handen waren van de lokale overheid.

Steden vormen steeds meer de economische centra van ons land waarbij bestuurlijke creativiteit kan zorgen voor verdere groei en dynamiek. Integriteit van bestuurders is van belang voor het vertrouwen dat burgers in hen stellen, evenals een passend salaris uit publieke middelen. Tot slot dienen overheidsfinanciën op orde te zijn, in Nederland en in de drie andere landen in het Koninkrijk (Curaçao, Sint Maarten en Aruba).
     
     
     
     
     
     
     
     
     
Overig    €          0,1 Algemene Zaken (AZ) is het ministerie van de minister-president. AZ verzorgt de voorbereiding en ondersteuning van de ministerraad. Daarnaast coördineert het ministerie de communicatie van de Rijksoverheid. De Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid, onderdeel van AZ, onderzoekt langetermijnontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op het regeringsbeleid.
Naast de grondwettelijke uitkeringen aan drie leden van het Koninklijk Huis (Koning, Koningin en Prinses Beatrix) bestaan de uitgaven voor het grootste gedeelte uit personele en materiële uitgaven ter ondersteuning van het Koninklijk Huis.
Onder andere: Algemene Zaken, Adviesorganen en Staten-Generaal, waaronder de volgende posten:  
Begroting Algemene Zaken, Kabinet van de Koning en CTIVD  €                 0,1  
Begroting van de Koning  €                 0,0  
     
Totaal uitgaven    €      259,7              
                   
Begrotingstekort 2015    €       -12,8 Verschillen in afronding?            
Author: Hans Geurts

Hans is publicist en oprichter van Vinisva, op social media te volgen als GezondVerstandBurger (@vinisva). Tevens muzikaal actief als indie artist, songwriter en producer in Gashunters en Twoomusic. Zie Contact voor o.a. telefoon en mailadres.